De opleiding farmaceutisch technisch assistent omvat theoretische vakken, zoals toegepaste chemie en biologie, farmacologie, en praktijkvakken zoals medische zorg en het bereiden van geneesmiddelen.
Je leert:
- hoe het menselijk lichaam is opgebouwd en welke processen je in leven houden;
- magistrale bereidingen maken (capsules, crèmes, suppo’s, …);
- op welke manier een geneesmiddel wordt opgenomen en verdeeld in je lichaam;
- welke geneesmiddelen gebruikt worden in de behandeling van ziektes;
- welke planten een geneeskrachtige werking hebben;
- welke regels en wetten je moet naleven bij het werk in de apotheek, bij het afleveren van geneesmiddelen, …
- correct advies geven aan een patiënt in de apotheek;
- eerste hulp toedienen in noodsituaties.
De opleiding bestaat uit een combinatie van les en stage.